dinsdag 5 maart 2013

Tijd van hoge economische groei is voorgoed voorbij

De 20ste eeuw kende een bijzonder hoge economische groei. Elke 25 tot 30 jaar verdubbelde het inkomen per hoofd van de bevolking in de VS. Maar volgens de Amerikaanse econoom Robert Gordon is dit groeitempo voorgoed voorbij. We gaan terug naar een groei zoals we die in de 19de eeuw kenden. Dat betekent bijvoorbeeld dat een verdubbeling van het inkomen per hoofd in de VS meer dan 100 jaar nodig heeft.

 Productiviteit
 Als Gordon gelijk heeft, dan heeft dat grote gevolgen voor de manier waarop beleidsmakers de Grote Recessie tegemoet moeten treden. Het onrustbarende van het verhaal is immers, dat de groeivertraging al een feit is door een scherpe daling in de productiviteitsontwikkeling sinds de eeuwwisseling. De Westerse wereld heeft daarmee bijna tien jaar royaal boven zijn stand geleefd. De onderliggende fundamenten rechtvaardigden die manier van leven niet. Zo kon er ook een financiële bubbel geblazen worden, die wel uiteen moest spatten. De wereld gaat hier echter nog steeds aan voorbij en spiegelt zich voor het herstel aan de jaren vòòr 2007. Daar moeten we naar terug en daar keren we ook naar terug!

Denkwijze
Het IMF is misschien wel de meest sprekende representant van de denkwijze. Bij herhaling heeft dit instituut voorspeld dat de wereld terugkeert naar het groeipad van gemiddeld 4,5% bij een inflatieniveau van 2,9%. Keer op keer is de voorspelling bij lange na niet waargemaakt! Voor 2012 zal de groei waarschijnlijk uitkomen op 3,3% bij een inflatieniveau van maar liefst 4%. Dit patroon van lagere dan verwachte groei en hogere dan verwachte inflatie is kenmerkend voor de meeste ontwikkelde landen, maar ook de zogeheten BRIC landen lijken ermee te maken te krijgen! Het IMF trekt tot dusverre geen lessen, maar verschuift het herstel steeds verder de tijd in. Nu keert de wereldwijde groei van 4,5% terug in 2015. Dat die groei uitblijft, is toeval en toe te schrijven aan incidenten, aldus het IMF. Denk aan de tsunami die Japan teisterde of de heisa rondom de dreigende Griekse exit of de mogelijke bailout van het land.

Illusie
Er zitten dubieuze aspecten aan dit geloof in een herstel van de groei. De crisis kon gebeuren, omdat markten en financiële instellingen ervan overtuigd waren, dat het groeitempo van de jaren negentig zich na 2000 zou voortzetten. Daardoor kon de prijs van allerlei vermogenstitels de lucht in en bleef het idee van een groeiende welvaart voortleven, niet alleen in het westen maar ook in de Opkomende Markten.

Tegenovergesteld
Na 2007 ging de trend in de omgekeerde richting, maar beleidsmakers hebben daar hun ogen voor gesloten. De groei moet terugkeren, want dat maakt reeksen van beslissingen gemakkelijker. Als de groei eenmaal terug is, dan hoeft de periferie in Europa geen streep te zetten door hun schulden! Als de groei eenmaal terug is, dan zal Duitsland zeker de lasten op zich nemen voor het Europese financiële vangnet. En zo zijn er meer voorbeelden. Als Gordon gelijk heeft, dan moeten er veel ingrijpender maatregelen genomen worden dan de beleidsmakers lief is en er zullen nog reeksen banken omvallen. De wereld zal immers moeten leren genoegen te nemen met minder! Zelfs als Gordon maar voor de helft gelijk heeft, dan nog zijn de vooruitzichten eerder kommervol dan hartverwarmend.

 Bron: Ashoka Mody, A post-growth World. Project-syndicate, February 5 2013

woensdag 6 februari 2013

Geschiedenislessen zijn niks voor beleidsmakers


Het beeld is al ruim tweehonderd jaar oud. Met een zekere regelmaat zakken marktgeoriënteerde economieën weg in een diepe crisis. En steeds blijkt het weer heel moeilijk om de crisis te overwinnen. Het gaat ten koste van veel persoonlijk leed. Werkloosheid, faillissementen, afstempelen van aandelen, het gebeurt keer op keer.

Oorzaken
Hoe komt het, dat centrale bankiers en politici zelfs na tweehonderd jaar niet in staat zijn een crisis te voorkomen of de negatieve effecten, zoals werkloosheid, met gezwinde spoed te verzachten?
Daarvoor zijn grofweg drie oorzaken voor aan te wijzen. De eerste is die van de ongetemde inflatie. Stimulering van de vraag vertaalt zich hoofdzakelijk in een snel stijgende inflatie en hogere prijzen, maar amper in het verbeteren van de werkgelegenheid! De tweede oorzaak ligt in het verlengde van de eerste. Stel dat beleidsmakers de inflatie beteugeld hebben, dan weten ze niet hoe die beteugeld te houden in tijden dat ze pogen de uitgaven te stimuleren. De derde oorzaak is, dat overheden en centrale bankiers zeker wel in staat zijn om de werkgelegenheid op korte termijn te herstellen, maar dat ze dat simpelweg niet willen. Ze achten het noodzakelijke expansieve beleid te groot, te omvangrijk. Het is duidelijk, dat de lessen van de jaren dertig van de vorige eeuw onvoldoende geleerd zijn door de huidige generatie. Toen werden beleidsmakers niet moe om erop te hameren, dat een langdurige periode van bezuinigen noodzakelijk was om alle rotte plekken uit de economie weg te snijden. Ze negeerden daarbij de lessen van Keynes. Die hield hen tevergeefs voor, dat een nagenoeg universeel faillissement amper een basis is voor herstel van welvaart en welzijn. Alleen hele puriteinse geesten geloven in de heilzame werking van ellende en zuivering!

Geschiedenislessen
Een cynische geest zou kunnen opmerken, dat beleidsmakers al heel lang de lessen van de geschiedenis negeren. Al in 1829 kwam de Franse econoom Jean Baptiste Say tot de conclusie, dat het afbouwen van schulden als middel voor het bestrijden van een crisis een heilloze weg is. Immers, de uitgaven van de een, zijn het inkomen van de ander. Als iedereen de hand op de knip houdt, dan rest alleen crisis en hoge werkloosheid. In de eeuw daarna heeft een stoet aan economen als John Stuart Mill en John Maynard Keynes getracht een stappenplan op te stellen om ernstige crises te voorkomen of snel te genezen. In essentie komen al die vingerwijzingen erop neer, dat het voor de maatschappij aantrekkelijker moet zijn om schulden te maken dan om het geld in hun portemonnee te houden. De overheid moet in dezen een belangrijke rol spelen. De kwaliteit van de schuld moet van dien aard zijn, dat het aantrekkelijk is deze schuldtitels te bezitten! Als die insteek niet helpt dan is de ultimo remedio dat de overheid de rol van de private sector op zich neemt. Dat betekent grootschalig liquiditeiten lenen en dan de markt op om spulletjes aan te schaffen. Daar is echter durf voor nodig. Centrale bankiers als Ben Bernanke en Mario Draghi hebben wel stappen in de goede richting gezet, maar nu al klinkt het alom dat ze al te ver zijn gegaan. Toch is nog steeds geen sprake van oplopende inflatie of snel stijgende prijzen. Het puritanisme en de hang naar bezuinigen zit diep in de genen van de beleidsmakers, ook al kunnen ze historisch gesproken op weinig opwekkende resultaten bogen!

Cor Wijtvliet

Bron:

J. Bradford DeLong, Grand mal economics. Project-syndicate, January 31 2013.



donderdag 3 januari 2013

Innovatie is geen wetmatigheid


Met een beetje pech is er opnieuw een teleurstellend jaar aangebroken! De wereldwijde financiële crisis blijft diepe sporen trekken en blijft het economisch perspectief verduisteren. Dat duurt nu al zo lang dat er discussies oplaaien over de vraag of we alleen maar te kampen hebben met de rampzalige nasleep van 2007/08 of dat er andere, meer fundamentele factoren een rol spelen.

Gebrekkige innovatie
Volgens een groeiende groep denkers is de aanhoudende economische stagnatie niet louter toe te schrijven aan de financiële crisis. Voor hen is de hoofdoorzaak een stagnatie in technologische ontwikkeling en een gebrekkige innovatie. Deze ongezonde trend moet doorbroken worden om groei opnieuw een kans te geven. Een enkeling is echter heel somber over de kansen op herstel. We zullen volgens sommigen ermee moeten leven, dat de periode van 250 jaar sinds het begin van de Industriële Revolutie een uitzondering in de menselijke geschiedenis zal blijken. Economische stagnatie is de norm, die periode vol innovaties de uitzondering! Deze critici verwijzen dan naar hedendaagse innovaties, zoals de iPad en de iPhone. Ze vergelijken de impact ervan met die van innovaties van (veel) oudere datum zoals elektriciteit, stromend water en de interne verbrandingsmotor. En inderdaad, voor de keuze gesteld staand, zal bijna iedereen stromend en schoon water verkiezen boven het bezit van en iPad. Elektriciteit is belangrijker dan een pagina op Facebook!

Geschiedenis
Meer optimistisch gestemde denkers delen bovenstaande kritiek, maar zien het niet als een bewijs van achterblijvende innovatie. Voor hen is de iPad of Facebook geen echte innovatie. Het zijn afgeleide producten van oudere innovatieve standaarden, zoals de eerste computer. Ze zijn louter bedoeld om de commercie steeds weer een impuls te verschaffen. Voor deze denkers zijn nanotechnologie of renewable energie terreinen waar de werkelijke en originele innovatie plaatsvindt. Evenals bovengenoemde voorbeelden kunnen uitkomsten van die wetenschappen en onderzoekterreinen het leven van de mens fundamenteel veranderen en verbeteren!
Dat betekent weer, dat de onderliggende oorzaak de schuldencrisis is en dat ook blijft! Er zijn in de geschiedenis talloze voorbeelden te vinden van financiële crises met een gelijksoortig begin en een al even identiek verloop. De huidige crisis vindt zijn oorsprong in overdreven economische groeiverwachtingen, gebaseerd op het verschijnsel globalisering gecombineerd met de snelle introductie van nieuwe (informatie)technologieën.


Potentiële groei
Financiële crises hebben echter wel degelijk langdurige en negatieve effecten. Kredietschaarste treft vooral kleine en jonge bedrijven. Dat zijn vaak kraamkamers van nieuwe ideeën en nieuwe producten. Een gebrekkige kredietverlening tast derhalve de groeipotentie op termijn aan! In tijden van crisis zijn overheden zuinig met investeringen in publieke voorzieningen en infrastructuur. Onderwijs op een hongerdieet levert minder kwaliteit af en ook dat heeft negatieve gevolgen  voor de groei op termijn!
Los van dit alles worstelt het westen met de hoge kosten voor de vergrijzing. Deze factoren kunnen de potentiële groei de komende jaren en misschien wel decennia een vol procentpunt omlaag duwen. Als dan bovengenoemde doemdenkers ook een beetje gelijk hebben, dan zijn de vooruitzichten bijzonder mager te noemen. In hun herstelplannen gaan overheden er voetstoots vanuit dat technologie en innovatie dragers van het fundamentele herstel zullen zijn. Die moeten er zorg voor dragen dat de koek weer groter wordt.

Als de koek niet groter wordt, dan is bovenstaande discussie academisch en niet erg interessant. Iedereen wordt uiteindelijk slachtoffer van aanhoudende economische stagnatie.

Cor Wijtvliet

Bron,

Kenneth Rogoff, Innovation crisis or Financial cisis. Project-syndicate, December 4 2012












U kunt elke dag een nieuwsbrief van Cor Wijtvliet lezen op: www.gevestor.nl