Wie kan zich nog de opwinding herinneren rondom de UMTS-veiling aan het begin van deze eeuw. Telefoonbedrijven in Europa legden vele tientallen miljarden op tafel om een zogeheten 3G licentie binnen te slepen. Overal in Europa wreven overheden zich in de handen bij die wel grote financiële meevaller. In Nederland was de overheid een stuk minder blij. KPN betaalde NLG 5 miljard voor zijn licentie, terwijl er in eerdere instantie hardop van fantastische bedragen gedroomd werd. Die liepen op tot wel NLG 20 miljard. 3G technologie was nodig om de verwachte explosie in de groei van het dataverkeer in goede banen te leiden.
Vertraagde groei
Het heeft lang geduurd, veel langer dan verwacht voordat die gedroomde explosie in de groei kwam. Dat had enerzijds te maken met het leeglopen van de internetbubbel, waardoor de telecomsector wel in heel zwaar weer terecht kwam. Anderzijds was het uitblijven van die explosie het zoveelste bewijs dat er een kloof gaapt tussen het dagdromen en wensdenken van de techneuten en wat de markt graag ziet.
Uiteindelijk is de gedroomde groei er toch gekomen, zij het met een vertraging van jaren. Dat was te danken aan een combinatie van factoren. De introductie van het USB modem, de snelle acceptatie van de smartphone (blackberrie) en vooral de populariteit van de iPhone, gekoppeld aan aantrekkelijke financiële voorwaarden hebben voor een doorbraak gezorgd. Afhankelijk van de operator is het volume van het dataverkeer tussen 100% tot 400% gegroeid in de laatste twee jaren. Anno 2010 is het dataverkeer goed voor 70% tot 90% van de groei van het netwerkverkeer. Insiders denken dat we pas aan het begin staan van een exceptionele groei, Maar dan moeten de operators wel nieuwe producten en diensten ontwikkelen. Video en IPTV lijken voor de operators op korte termijn grote kansen te bieden.
Opstoppingen
Hoewel de meeste operators het grootste deel van het voorbije decennium te kampen hadden met een onderbenutting van de capaciteit van het systeem, lijkt daar op korte termijn een einde aan te komen. Nu al zijn er op sommige delen van de digitale snelweg opstoppingen. De oorzaak is dat het dataverkeer niet gelijkmatig verdeeld is over de dag, maar nog wel eens op onregelmatige tijden wil pieken. Het is bijna overbodig, maar die onverwachte pieken en de opstoppingen op de snelweg komen de kwaliteit van de dienstverlening niet ten goede. Het gaat weer wel te ver om van een noodsituatie te spreken. Bedrijven hebben daarom geen haast om te gaan investeren om het fileprobleem te verhelpen. Los van de beperkte omvang van het fileprobleem is er ook nog een financiële drijfweer om even niet te investeren. Bij de huidige tariefstructuren is het dataverkeer amper winstgevend. Hoewel data 75%-90% van het digitale verkeer vormen is de bijdrage aan de omzet uit deze dienstverlening slecht 10% van het totaal en zijn sommige onderdelen van het dataverkeer verlieslatend. Een mogelijke oplossing kan een gedifferentieerde tariefstructuur zijn, waarbij de zogeheten ‘heavy user’ meer betaalt in ruil voor een betere dienstverlening, bijvoorbeeld in de vorm van het kunnen mijden van de opstoppingen. Op die manier hopen operators de pieken in het gebruik te verminderen, zodat de congestie minder wordt. Tegelijkertijd blijven ze scherpe tarieven hanteren om nieuwe gebruikers aan te trekken die weliswaar minder opbrengen, maar die dan weer de ‘dalmomenten’ in de dag kunnen opvullen.
Winnaars en verliezers
De operators hebben weinig zin op fors te investeren in nieuwe capaciteit. Sterker nog, het is te verwachten dat het investeringsniveau voor de komende jaren dat van 2009 niet zal ontstijgen. Dat is slecht nieuws voor de leveranciers van telecomapparatuur, zoals Ericsson en Nokia Siemens. Die bedrijven hebben toch al te kampen met aanhoudende prijsdruk door de komst van bijvoorbeeld nieuwe Chinese concurrentie, zoals Huawei. Alleen bedrijven die de juiste technologie in huis hebben om op bepaalde onderdelen congestieproblemen op te lossen kunnen opdrachten verwachten. Misschien mag Alcatel-lucent hier voor de korte termijn enige hoop koesteren. Voor de overige spelers blijft het de komende jaren moeilijk. Door de slechte economische situatie blijft de investeringsbereidheid laag, zeker als operators eerst willen proberen de capaciteitsbenutting beter te stroomlijnen. Alleen bedrijven die zich willen profileren op het gebied van de dienstverlening mogen de komende jaren met iets meer vertrouwen tegemoet zien.
Dan ziet de toekomst van de telecomoperators er een stuk beter uit. In de meeste Europese landen is er sprake van een oligopolie. Dat vermindert de prijsdruk en verbetert de marges. Omdat de komende jaren geen uitgebreide investeringsprogramma’s met alle risico’s van dien op stapel staan, zullen de vrije kasstromen de komende tijd aanzienlijk aanzwellen. Dat mag resulteren in hogere dividenduitkeringen. Zoals het er nu naar uit ziet zal een bedrijf als Vodafone in 2011 een dividend van 6% uitkeren en dat in 2012 verhogen naar 8%. Met een k/w van 9X is het aandeel goedkoper dan de sector met een K/W van 10X. De waardering van een bedrijf als KPN is in lijn met het sectorgemiddelde. Voor 2010 ligt een dividenduitkering van 6,8% in het verschiet, gekoppeld aan een programma voor inkoop eigen aandelen. Dat kan ook voor voorzichtige beleggers aantrekkelijk zijn.
maandag 15 maart 2010
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten